• L'investissement permanente dans la formation et la connaissance
  • Proactivité
  • Service personnel
  • Pragmatique et dynamique
  • Votre comptabilité online

Intéressé?

Intéressé?
N’hésitez pas à nous contacter par notre page de contact ou par téléphone au 055/30.14.41

 

 

Een geschil met de fiscus: een bezwaarschrift indienen

Postée le 7 décembre 2015 in Fiscaliteit

Heeft u een geschil met de fiscus? Heeft u een aanslag gekregen waar u niet mee akkoord gaat? Vooraleer u naar de rechtbank trekt, moet u eerst bij de administratie zelf beroep aantekenen. Bent u van plan een bezwaar in te dienen, dan moet u wel de volgende regels naleven. Om geldig te zijn, moet een bezwaar namelijk aan een aantal voorwaarden voldoen. 

Het bezwaar moet schriftelijk ingediend worden

Een bezwaar kan niet mondeling worden meegedeeld. Het is dus niet mogelijk om uw bezwaar naar de administratie door te bellen. Voorts bepaalt de wet niet hoe u dat geschrift bij de administratie moet indienen. Maar bij voorkeur doet u dat met een aangetekend schrijven. Daarmee heeft het bezwaar ook ineens een duidelijke vaste dagtekening en bent u ook zeker dat de administratie het heeft ontvangen.

Het bezwaar moet ondertekend zijn

Is het bezwaar niet ondertekend, dan is het ook niet geldig. De fiscus vereist dat de handtekening origineel is. Daardoor is het bijvoorbeeld niet mogelijk uw bezwaarschrift door te faxen of in te scannen en door te mailen (= geen originele handtekening). Een elektronische indiening met een elektronische handtekening via e-ID zou normaliter wel geldig kunnen zijn. De handtekening wordt gebruikt om te controleren of de bevoegde persoon het bezwaar heeft ingediend.

Het bezwaar moet worden ingediend door de juiste persoon

Een bezwaar kan alleen door de bevoegde persoon rechtsgeldig worden ingediend. Dat is in principe de belastingschuldige (= diegene die wettelijk gezien de persoon is bij wie men de belasting kan invorderen). Is de belastingschuldige een natuurlijk persoon, dan kan hij dat zelf doen. Of, eventueel, (i) zijn erfgenamen (na zijn overlijden), (ii) zijn wettelijke vertegenwoordiger (bijvoorbeeld ouders of voogd) of (iii) een gevolmachtigde (bijvoorbeeld een advocaat). Is de belastingschuldige een vennootschap, dan moet het bevoegde orgaan het bezwaar indienen. Een curator is dan weer verantwoordelijk voor het indienen van het bezwaarschrift van een gefailleerde.

Het bezwaar moet worden ingediend bij de juiste instantie

U dient het bezwaar in bij de bevoegde instantie: de gewestelijk directeur in wiens ambtsgebied de aanslag werd gevestigd, met andere woorden de gewestelijk directeur die bevoegd is voor uw woonplaats. De bevoegde directeur wordt op uw aanslag vermeld.

Maar het is sinds 2005 geen probleem meer om uw bezwaar in te dienen bij een gewestelijk directeur van een ander ambtsgebied (die geografisch niet voor u bevoegd is). Deze niet-bevoegde directeur moet het bezwaar van ambtswege (dus zonder daarvoor iets te moeten doen) doorsturen naar zijn bevoegde collega. Hij zal het aan u laten weten als dat gebeurd is. Opgelet: dit betekent niet dat u zomaar een bezwaar aan eender wie kan indienen. Zijn NIET geldig: een schrijven gericht aan (i) de administratie in het algemeen, (ii) een andere ambtenaar dan een gewestelijk directeur of (iii) de minister van Financiën.

Het bezwaar moet tijdig worden ingediend

Zoals zo vaak is er ook een termijn voorgeschreven. Het is vanzelfsprekend dat een belastingschuldige niet 3 jaar na datum nog een bezwaar kan indienen. U heeft 6 maanden vanaf de derde werkdag volgend op de datum waarop het aanslagbiljet dat u wilt aanvechten, werd verzonden. Let op: zaterdagen, zondagen en feestdagen zijn geen werkdagen. De termijn loopt van de zoveelste tot de dag voor de zoveelste. Is de vervaldag een zaterdag, zondag of feestdag, dan verschuift die dag.

Voorbeeld

De administratie verzendt het aanslagbiljet op maandag 9 februari 2015. De termijn begint te lopen op 12 februari 2015 (derde werkdag na 09/02). De termijn loopt 6 maanden van de zoveelste (de twaalfde) tot de dag voor de zoveelste (de elfde). In dit voorbeeld dus van 12 februari tot 11 augustus 2015.

Voorbeeld

De administratie verzendt het aanslagbiljet op donderdag 12 februari 2015. De termijn begint te lopen op 17 februari 2015 (derde werkdag na 12/02, zaterdag 14 en zondag 15 februari tellen niet mee). De termijn loopt 6 maanden van de zoveelste (de zeventiende) tot de dag voor de zoveelste (de zestiende). In dit voorbeeld dus van 17 februari tot 16 augustus 2015. Maar 16 augustus is een zondag, dus de vervaldag verschuift naar 17 augustus.

De gewestelijk directeur moet binnen die termijn van het bezwaar kennis kunnen nemen. Lees: het bezwaar moet binnen die termijn bij de administratie zijn toegekomen. Het is dus niet voldoende als u het bezwaar binnen die termijn op de post doet.

Voorbeeld

U heeft tot 15 april om een bezwaar in te dienen. U verstuurt uw bezwaar op 14 april. Het aangetekend schrijven wordt op 16 april bij de administratie afgeleverd. Het bezwaar is TE LAAT en onontvankelijk. Gaat u op 15 april het bezwaar zelf op de administratie afgeven, dan bent u wel nog op tijd.

Het bezwaar moet gemotiveerd zijn

Ten slotte bent u verplicht uw bezwaar ook te motiveren. U moet zeggen waarom u niet akkoord gaat met de gevestigde aanslag. Geeft u geen argumenten mee, dan kan de directeur immers niet antwoorden. U mag daarbij zowel feitelijke als juridische argumenten vermelden.

Boekhoudkantoor Certifisc adviseert starters, ondernemers en zelfstandigen. Neem vrijblijvend contact op.