• L'investissement permanente dans la formation et la connaissance
  • Proactivité
  • Service personnel
  • Pragmatique et dynamique
  • Votre comptabilité online

Intéressé?

Intéressé?
N’hésitez pas à nous contacter par notre page de contact ou par téléphone au 055/30.14.41

 

 

Veelgestelde vragen over vrijstelling doorstorting bedrijfsvoorheffing voor startende ondernemingen

Veelgestelde vragen over vrijstelling doorstorting bedrijfsvoorheffing voor startende ondernemingen

Postée le 8 juin 2016 in Starters

Startende ondernemingen zijn vrijgesteld van het doorstorten van de bedrijfsvoorheffing. Dit houdt in dat ze wel bedrijfsvoorheffing moeten inhouden op de lonen van hun personeel, maar dat ze de ingehouden bedrijfsvoorheffing niet hoeven door te storten aan de Schatkist. De fiscus geeft nu aan de hand van een FAQ-lijst meer tekst en uitleg bij deze maatregel.

Welke bezoldigingen vallen onder de regeling?

Bezoldigingen waarop de vrijstelling van toepassing is, zijn alle beloningen die de werkgever betaalt aan zijn werknemer voor de arbeid die hij verricht.

In de eerste plaats is dat het loon, maar daarnaast ook:

  • commissies, gratificaties, premies en fooien;
  • voordelen van alle aard;
  • vergoedingen verkregen uit hoofde of naar aanleiding van de stopzetting van de arbeid of de beëindiging van een arbeidsovereenkomst;
  • vergoedingen verkregen tot volledig of gedeeltelijk herstel van een tijdelijk gebrek aan bezoldigingen;
  • bezoldigingen verkregen door een werknemer, zelfs wanneer ze zijn betaald of toegekend aan zijn rechtverkrijgenden.

De bezoldigingen die worden betaald aan een bedrijfsleider, vallen niet onder de vrijstelling.

Welke werkgevers kunnen een beroep doen op de vrijstelling?

De werkgever moet een startende kleine of micro-onderneming zijn. Startende onderneming zijn maximaal 48 maanden ingeschreven in de Kruispuntbank van Ondernemingen. Kleine of microvennootschappen dienen te beantwoorden aan de criteria van artikel 15 en 15/1 van het Wetboek van Vennootschappen.

Bovendien is de werkgever verplicht om de bezoldigingen te betalen, schuldenaar te zijn van de bedrijfsvoorheffing en deze ook effectief in te houden.

De volgende categorieën worden uitdrukkelijk uitgesloten van de maatregel: een vennootschap waarvoor een procedure van gerechtelijke reorganisatie is opgestart, een vennootschap waarvoor een aangifte of vordering tot faillietverklaring is ingesteld, en een ontbonden onderneming die zich in staat van vereffening bevindt.

Hoelang kan een onderneming hiervan genieten?

Aangezien de maatregel is bedoeld voor starters, kan een onderneming er uitsluitend gebruik van maken zolang ze starter is. Met andere woorden: tijdens de eerste 4 jaar van haar bestaan (vanaf de inschrijving in de Kruispuntbank van Ondernemingen).

Werd de onderneming eerder op een andere manier gevoerd, bijvoorbeeld als eenmanszaak of in een andere vennootschapsvorm, dan wordt gekeken naar het moment waarop men begon met de oorspronkelijke activiteit of zaak.

Voorbeeld

Op 1 maart 2014 start Jan een eenmanszaak. Blijft hij zijn onderneming als eenmanszaak voeren, dan is hij een starter tot 28 februari 2018. Vormt hij op 10 april 2016 zijn eenmanszaak om in de bvba JAN, dan kijkt men nog steeds naar de originele startdatum. De bvba JAN zal dus een starter blijven tot 28 februari 2018 (en NIET tot 9 april 2020).

Start Jan zijn eenmanszaak op 1 maart 2011 en vormt hij deze op 1 maart 2016 om in de bvba JAN, dan kan de bvba JAN niet meer genieten van de maatregel. Sinds het begin van de oorspronkelijke activiteit zijn er al meer dan 4 jaar verstreken.

Hoe groot is de vrijstelling?

Kleine ondernemingen hebben recht op een vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing van 10 procent, micro-ondernemingen op een vrijstelling van 20 procent.

Mag de vrijstelling worden gecumuleerd met andere gunstmaatregelen?

Men mag de maatregel ook combineren met andere gunstmaatregelen betreffende het doorstorten van de bedrijfsvoorheffing.

Welke formaliteiten moeten worden nageleefd?

De werkgever is verplicht om een nominatieve lijst ter beschikking te houden van de administratie, met daarin, voor elke werknemer: de volledige identiteit, het nationaal nummer, het bedrag van de ingehouden bedrijfsvoorheffing met een gedetailleerde berekening ervan en het bedrag van de betaalde of toegekende bruto belastbare bezoldigingen. De onderneming is daarnaast ook verplicht om de bewijzen ter beschikking te houden dat ze voldoet aan de voorwaarden om de voorwaarden toe te passen.

Wat met bijzondere gevallen als interimkantoren en vzw's?

Of een interimkantoor/uitzendbedrijf de vrijstelling kan gebruiken, is afhankelijk van de omstandigheden. Stelt het interimkantoor uitzendkrachten ter beschikking van een startende kleine of microvennootschap, maar voldoet ze zelf niet aan die voorwaarden, dan kan ze geen aanspraak maken op de steunmaatregel. Kan het uitzendbedrijf zelf worden beschouwd als een startende kleine of micro-onderneming, dan kan ze wel aanspraak maken op de steunmaatregel voor de bezoldigingen die zij betaalt of toekent aan de uitzendkrachten.

Een vereniging zonder winstoogmerk (vzw) komt niet in aanmerking, aangezien het niet gaat om een onderneming.

Certifisc, boekhouder in Gent adviseert starters, ondernemers en zelfstandigen. Neem vrijblijvend contact op.