• Investeert voortdurend in kennis
  • Pro-activiteit
  • Een persoonlijke service
  • Pragmatisch & Dynamisch
  • Uw boekhouding online

Interesse?

Contacteer ons vrijblijvend via onze contact- pagina of telefonisch via 055/30.14.41 

Terugbetaling elektriciteit bedrijfsvoertuig: extra voordeel alle aard?

Gepost op 25 januari 2024 in Fiscaliteit

De terugbetaling van elektriciteitskosten door een werkgever aan een werknemer voor het thuis opladen van een hybride of elektrisch voertuig is een groeiende praktijk. Als een werknemer/bedrijfsleider een bedrijfswagen (personenwagen) privé gebruikt, is hij belastbaar op een voordeel van alle aard, dat forfaitair berekend wordt. Dit forfait dekt alle kosten van gebruik van het voertuig, inclusief de brandstofkosten. Maar hoe zit het met de elektriciteitskosten (voor het thuis opladen van het voertuig)?

  • Voordeel alle aard terbeschikkingstelling bedrijfswagen
  • Tankkaart versus laadkaart
  • Drie voorwaarden voor het vermijden van een bijkomend voordeel alle aard voor de terugbetaling van elektriciteitskosten
  • Schrapping voorwaarde
  • Terugbetaling van ‘werkelijke elektriciteitskosten’
  • Fiche 281.10 en 281.20

VAA bedrijfswagen

Het belastbaar voordeel voor voertuigen (nl. personenwagens, de hiermee gelijkgestelde lichte vrachtwagens, auto's voor dubbel gebruik en de minibussen), kan als volgt berekend worden:

Cataloguswaarde x CO2 % x 6/7 x leeftijdspercentage

Tankkaart versus laadkaart

Indien de werkgever/vennootschap een bedrijfswagen met tankkaart voor dat voertuig ter beschikking stelt, volstaat de toepassing van dat ene forfaitair geraamde voordeel van alle aard en moet geen extra voordeel belast worden voor het gebruik van de tankkaart.

Met de elektrificatie van het wagenpark, wordt voor hybride voertuigen en elektrische voertuigen vaak ook een laadkaart ter beschikking gesteld door de werkgever/vennootschap of mag het personeel de bedrijfswagen opladen met de laadpalen op het werk. Als de elektriciteit door de werkgever/vennootschap betaald wordt (bv. laadstation op het werk, laadkaart op naam van de werkgever/vennootschap), geeft dit geen aanleiding tot een extra voordeel van alle aard; immers, het voordeel dekt ook deze elektriciteitskosten.

Echter stelt de fiscus zich strenger op tegenover een werkgever/vennootschap die de elektriciteitskosten van een hybride of elektrisch voertuig dewelke thuis wordt opgeladen, vergoed. Volgens de minister “ blijft de hoofdregel ” dat de terugbetaling van thuis getankte elektriciteit in principe geen onderdeel uitmaakt van het forfaitair geraamde voordeel van alle aard van de terbeschikkinggestelde bedrijfswagen, maar een apart voordeel uitmaakt. Het gaat immers niet om de verstrekking van elektriciteit door de werkgever. Middels drie cumulatieve voorwaarden, kan bij een terugbetaling van elektriciteit, het bijkomend voordeel van alle aard worden vermeden:

  • De werkgever/vennootschap stelt een homecharger of laadpaal ter beschikking;
  • De laadpaal beschikt over een specifiek communicatiesysteem over de hoeveelheid verbruikte elektriciteit. Dit kan aldus de minister ook een tussenteller zijn die alsdan ook door de werkgever/vennootschap mag betaald worden;
  • De car policy voorziet in de terugbetaling van de met de homecharger getankte elektriciteit.

Indien de drie voorwaarden niet cumulatief voldaan zijn, gelden volgens de minister volgende regels:

  • Indien de aan de werknemer/bedrijfsleider terugbetaalde elektriciteit een terugbetaling is voor dienstverplaatsingen: kost eigen aan de werkgever dewelke niet belastbaar is bij de werknemer/bedrijfsleider;
  • Indien de aan de werknemer/bedrijfsleider terugbetaalde elektriciteit betrekking heeft op woon-werkverkeer: in principe een belastbaar voordeel alle aard in hoofde van de werknemer/bedrijfsleider, m.u.v. het gedeelte dat kan worden vrijgesteld als de werknemer zijn werkelijke kosten niet bewijst (€ 490 voor aanslagjaar 2025). Opgelet: deze vrijstelling geldt enkel voor werknemers, niet voor bedrijfsleiders.
  • Indien de aan de werknemer/bedrijfsleider terugbetaalde elektriciteit betrekking heeft op (andere) privéverplaatsingen: belastbaar voordeel alle aard in hoofde van de werknemer/bedrijfsleider (ten belope van het werkelijk betaalde bedrag).

Het voorgaande heeft betrekking op de gevallen waarbij de weknemer/bedrijfsleider zijn/haar elektriciteit zelf betaalt.

Indien de elektriciteit wordt gefactureerd aan de vennootschap, zijn er geen terugbetalingen van de elektriciteit. De aan de vennootschap gefactureerde elektriciteitskosten die betrekking hebben op de bedrijfswagen zijn volledig aftrekbaar zonder meer (geen voordeel van alle aard voor private kilometers, enz).

Schrapping voorwaarde

Echter, als antwoord op een nieuwe parlementaire vraag van 4 december 2023, bevestigt de minister dat de eerdere voorwaarde dat de laadpaal ter beschikking moet worden gesteld door de werkgever/vennootschap, niet langer van toepassing is. Ook indien de werknemer/bedrijfsleider eigenaar is van de laadpaal, kan de terugbetaling geschieden zonder bijkomend voordeel alle aard (mits voldaan aan de overige voorwaarden).

Het is wel nog steeds vereist dat bij de terbeschikkingstelling van een laadpaal door de vennootschap/werkgever, ook een wagen ter beschikking wordt gesteld opdat de terbeschikkingstelling van de laadpaal an sich geen bijkomend voordeel alle aard zou uitmaken in hoofde van de werknemer/bedrijfsleider.

Werkelijke elektriciteitskosten

De minister heeft benadrukt dat de terugbetaling alleen betrekking mag hebben op de elektriciteit die daadwerkelijk is gebruikt voor de bedrijfswagen die ter beschikking is gesteld. Bovendien dient deze terugbetaling te geschieden op basis van de daadwerkelijke kosten voor elektriciteit, d.i. de reden waarom een passend communicatiesysteem vereist is. Het publiceren van een (gemiddeld) vast bedrag per kilowattuur voor het hele land werd door de minister als niet haalbaar beschouwd vanwege de verschillen in distributienettarieven en transmissiekosten tussen netbeheerders. De praktijk van het gebruiken van tarieven gepubliceerd door CREG/VREG wordt niet langer aanvaard.

Voor vaste contracten is de bepaling van de kosten voor elektriciteit relatief eenvoudig. Bij de aanvang van de terugbetaling geeft de werknemer de vaste kilowattuurprijs door, en dit wordt vervolgens bij elke contractwijziging (doorgaans jaarlijks) geactualiseerd.

Voor variabele contracten is de situatie iets complexer. In dat geval wordt aan de hand van de laatste afrekening een (gewogen) gemiddelde elektriciteitsprijs berekend. Het gebruik van een gemiddelde prijs is gerechtvaardigd vanwege de frequente oplaadbeurten van de voertuigen. De aldus vastgestelde gemiddelde prijs wordt beschouwd als de voorlopige terugbetalingsprijs tot aan de volgende afrekening. Indien bij de volgende afrekening blijkt dat de voorlopige prijs afwijkt van het gemiddelde van de recentste afrekening, zal het verschil gecorrigeerd worden bij de eerstvolgende terugbetaling aan de werknemer.

Fiche 281.10 en fiche 281.20

Als antwoord op de recente parlementaire vraag van 4 december 2023 bevestigt de minister ook dat de terugbetaling van de elektriciteit niet vermeld dient te worden op de fiche 281.10 (werknemer) of 281.20 (bedrijfsleiders) indien aan alle voorwaarden is voldaan opdat de terugbetaling van de elektriciteit geen bijkomend voordeel alle aard zou uitmaken, maar vervat zit in het voordeel alle aard wagen. Het voordeel alle aard wagen dient uiteraard wel op fiche te worden vermeld.

 

© CERTIFISC – Auteur: Jorn Peyskens

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief